REGLEMENT R.K. BEGRAAFPLAATS
PAROCHIE H. JOANNES DE DOPER
MEERLO
I
ALGEMENE BEPALINGEN
Begripsaanduidingen
Artikel 1
Bestuur
Artikel 2
Het bestuur is gebonden aan het Algemeen Reglement voor het bestuur van een parochie van de Rooms Katholieke Kerk in Nederland en terzake van het beheer van de begraafplaats bovendien aan dit reglement.
Beheerder
Artikel 3
Het bestuur kan een van zijn leden of een andere persoon, in dit reglement te noemen de beheerder, belasten met de dagelijkse leiding en het beheer van de begraafplaats.
De beheerder is bevoegd om namens het bestuur opdrachten te verlenen, het beheer van de begraafplaats betreffende en om namens het bestuur grafrechten te verlenen.
Regeling vóór een begraving
Artikel 4
- Voor de begraving dient het verlof tot begraving en of de bezorging van de as te worden getoond.
- De voor de begraving en bewaring van een asbus noodzakelijke bescheiden, zoals de grafakte en de kwitantie van betaling van de verschuldigde rechten of een deugdelijk bewijs van begraving of bewaring van een asbus voor rekening van derden en de eventuele autorisatie van de rechthebbende moeten vóór de begraving c.q. bewaring aan de beheerder worden overgelegd.
- De materialen die verwerkt zijn in de lijkkist, de lijkhoes en de kleding van de overledene dienen zoveel mogelijk van natuurlijk verteerbare aard te zijn. In geval van ernstige en gerechtvaardigde twijfel of de materialen aan deze eis voldoen, kan de beheerder een controle instellen. Blijken de gebruikte materialen niet aan de eis te voldoen dan kan begraving geweigerd worden.
Bevorderen van natuurlijke ontbinding
4a
- Het is verboden om een overledene te begraven in een zinken of andere metalen of kunststof [binnen]kist.
- Het is verboden om een overledene te begraven met gebruikmaking van een lijkhoes, die niet voldoet aan de voorwaarden van het Lijkomhulselbesluit 1998.
- Het is verboden om in een kist of ander omhulsel voorwerpen of objecten bij te sluiten die niet tot de kist of de overledene behoren, anders dan kleine verteerbare grafgiften.
- Bij het ter begraving aanbieden van een kist of ander lijkomhulsel dient tenminste 24 uur voorafgaand aan het tijdstip van begraving een schriftelijke verklaring te worden overgelegd – volgens een door het bestuur vast te stellen model – omtrent de aanwezigheid van de in de voorgaande leden bedoelde materialen en voorwerpen. Indien van een lijkhoes gebruik wordt gemaakt, zal de aanbieder tevens moeten overleggen:
- een afschrift van een rapport waaruit blijkt dat de gebruikte hoes voldoet aan de normen van het Lijkomhulselbesluit;
- een bewijs dat de betreffende hoes is aangekocht.
De begraving van een overledene en de bewaring van een asbus
Artikel 5
Werkzaamheden op de begraafplaats
Artikel 6
- Het delven en dichten van graven, het openen van een graf, het opdelven van stoffelijke resten en het bijzetten van asbussen geschieden uitsluitend door het personeel van de begraafplaats of, in opdracht van het bestuur, door derden.
- Het bestuur geeft aan hen, die door de rechthebbenden zijn belast met de bouw, de aanleg of het onderhoud van de graftekens en/of beplantingen gelegenheid om hun werkzaamheden te verrichten op tijden dat de begraafplaats daarvoor is geopend. Zij volgen hierbij de aanwijzingen van de beheerder.
- Geen werkzaamheden mogen worden verricht tijdens begravingen en diensten op het kerkhof. Op zaterdagen, zon- en feestdagen mogen uitsluitend werkzaamheden door beroepskrachten worden verricht ten behoeve van het op die dag begraven van een overledene. De grafverzorging door de nabestaanden is toegestaan.
- Iedere dag dienen gereedschappen, afkomende materialen en hulpmaterialen te worden meegenomen of te worden geplaatst of gestort volgens aanwijzingen van de beheerder.
Bezoekers
Artikel 7
Het bestuur bepaalt de tijden, waarop de begraafplaats voor bezoekers toegankelijk is. De begraafplaats is voor auto's en voor fietsen (al dan niet met hulpmotor) gesloten. De beheerder kan voor mindervaliden uitzondering toestaan. Honden worden alleen aangelijnd op de begraafplaats toegelaten. Bezoekers worden verzocht luidruchtigheid te vermijden.
Voor het houden van dodenherdenkingen of de plechtige onthulling van een grafteken moet tevoren schriftelijke toestemming zijn verkregen van het bestuur.
Administratie
Artikel 8
- Het bestuur is verantwoordelijk voor de wettelijke verplichting tot het voeren van de administratie van de begraafplaats. De administratie bevat in ieder geval een register van de overledenen met vermelding van hun identiteitskenmerk en aanduiding van de plaats op de begraafplaats waar zij begraven zijn, alsmede een dergelijk register van de bewaarde asbussen. Deze registers zijn openbaar. Daarnaast bestaat er het nabestaandenbestand grafrechten, waarin de namen en adressen van alle rechthebbenden worden geregistreerd.
- Het boekjaar van de begraafplaats loopt van 1 januari tot en met 31 december. Alle rechten, verleend in het eerste half jaar worden geacht te zijn verleend per 1 januari daaraan voorafgaand. Alle rechten verleend in het tweede half jaar worden geacht te zijn verleend per 1 januari daaropvolgend.
II
HET VESTIGEN VAN GRAFRECHTEN
Schriftelijke overeenkomst
Artikel 9
- Een grafrecht wordt gevestigd door een schriftelijke overeenkomst met het bestuur, genaamd grafakte.
- Op de begraafplaats kunnen begraven worden:
- zij die als parochiaan staan ingeschreven bij de parochie en zij die met een parochiaan gehuwd waren of die met een parochiaan duurzaam een huishouden vormden;
- oud-parochianen die in een instelling voor gezondheidszorg blijven en die voorheen tot de parochie behoorden.
- Het bestuur kan van lid 2 in uitzonderlijke gevallen afwijken en toestaan dat anderen op de begraafplaats worden begraven.
Uitgifte van graven
Artikel 10
De graven van een gravenveld worden in volgorde, door de beheerder te bepalen, uitgegeven. Het is niet mogelijk een grafruimte te reserveren, tenzij een recht wordt verworven als bedoeld in artikel 11.
Recht op eigen graf
Artikel 11
Het bestuur kan één meerderjarige persoon het uitsluitend recht verlenen om voor twintig jaren gebruik te maken van een bepaalde grafruimte ten behoeve van hemzelf, de echtgenoot, geregistreerde partner of andere levenspartner, een bloed- of aanverwant tot en met de vierde graad, of een pleeg- of stiefkind. Dit recht wordt verleend onder de voorwaarden, in dit reglement gesteld of door het bestuur later te stellen. In ieder geval moet betaling op grond van artikel 36 van dit reglement zijn geschied en moet bij de rechtsverkrijging schriftelijk worden ingestemd met het ruimen van het graf [artikel 39] wanneer dit recht, door welke oorzaak dan ook, geëindigd is.
Adres rechthebbende
Artikel 12
De rechthebbende is verplicht zijn adres aan het bestuur op te geven, alsmede de wijziging van het adres.
Overlijden rechthebbende
Artikel 13
- Binnen 6 maanden na het overlijden van de rechthebbende dient het grafrecht na een daartoe strekkend verzoek van de erfgena[a]m[en] te worden overgeschreven op naam van de echtgenoot, geregistreerde partner of andere levenspartner, een bloed- of aanverwant tot en met de vierde graad, of een pleeg- of stiefkind overeenkomstig artikel 14
- Indien de rechthebbende is overleden en in het graf dient te worden begraven of zijn asbus dient te worden bijgezet, dient het verzoek tot overschrijving als bedoeld in lid 1 van dit artikel voorafgaand aan die begraving of bijzetting te worden gedaan.
Overdracht grafrecht
Artikel 14
- Een grafrecht kan worden overgedragen door overlegging aan het bestuur van een door de rechthebbende en de betrokken rechtsopvolger getekend bewijs van overdracht, met vermelding van de personalia en het adres van de rechtsopvolger.
- Overdracht aan een ander dan de echtgenoot, geregistreerde partner of andere levenspartner, een bloed- of aanverwant tot en met de vierde graad of een pleeg- of stiefkind van de rechthebbende is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan naar het oordeel van het bestuur.
- Een rechthebbende kan afstand doen van grafrechten, zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding. Afstand dient schriftelijk te geschieden.
Weigering tot begraving of bijzetting
Artikel 15
Het bestuur behoudt zich het recht voor, ook nadat grafrechten zijn verleend, om canonieke redenen begraving van een overledene en met name de bijzetting in een dubbel graf te weigeren, onder teruggave van de reeds betaalde rechten, of alleen de begraving op een bepaald gedeelte van de begraafplaats toe te staan.
Ontbindende voorwaarden grafrechten
Artikel 16
Het bestuur verleent grafrechten uitdrukkelijk voor de tijd gedurende welke het terreingedeelte, waarin zich de graven bevinden, tot de begraafplaats blijven behoren en voor de tijd dat de begraafplaats in exploitatie blijft. Aan de toegekende grafrechten kan geen titel ontleend worden zich te verzetten tegen de bestemmingsverandering van (een gedeelte van) de begraafplaats of tegen de voorgenomen sluiting of gesloten verklaring van de begraafplaats.
III
HET VERLENGEN VAN GRAFRECHTEN
Schriftelijk informeren van de rechthebbende
Artikel 17
- Het bestuur zal uiterlijk één jaar voor het verstrijken van een termijn, waarvoor grafrechten zijn verleend en die kunnen worden verlengd, de rechthebbende schriftelijk attenderen op het eindigen van de grafrechten en de voorwaarden bekend maken, waaronder deze grafrechten kunnen worden verlengd voor een termijn van 10 jaar.
- Indien het adres van de rechthebbende onjuist is of onbekend is, zal getracht worden het adres te achterhalen bij de afdeling bevolking van het gemeentehuis
- Indien het adres van de rechthebbende niet ingevolge lid 2 kan worden achterhaald, dan zal het einde van de termijn door aanplakking worden meegedeeld bij het graf en bij de ingang van de begraafplaats. De mededeling blijft aangeplakt tot het einde van de termijn van het grafrecht.
Verzoek rechthebbende
Artikel 18
- Een rechthebbende kan binnen twee jaren voor de afloop van de termijn schriftelijk verlenging van zijn rechten aanvragen voor een aansluitende termijn van 10 jaren.
- Het bestuur zal een aanvrage ingevolge lid 1 inwilligen, in zoverre van het recht tot begraven gebruik is gemaakt en geen bijzondere redenen, zoals de voorgenomen ruiming van een gravenveld, zich daartegen verzetten.
Voorwaarden voor verlenging
Artikel 19
De verlenging van grafrechten wordt slechts verleend wanneer het onderhoud van het graf zich naar het oordeel van het bestuur niet bevindt in kennelijke staat van verwaarlozing en op de voorwaarden geldend op het tijdstip waarop de verlenging ingaat en volgens de alsdan geldende tarieven.
Verlenging bij bijzetting
Artikel 20
Wanneer in een eigen graf, bestemd tot het begraven van meerdere overledenen of hun asbussen, een bijzetting heeft plaatsgevonden, wordt een lopende termijn van een grafrecht afgesloten en wordt een nieuwe termijn van 20 jaren geacht te zijn ingegaan.
IV
EINDE VAN DE GRAFRECHTEN
Artikel 21
De grafrechten vervallen:
- door het verlopen van de gestelde termijn;
- indien de betaling van een overeengekomen verlenging van het grafrecht niet binnen één jaar na aanvang van de verlenging overeenkomstig artikel 36 van dit reglement is geschied;
- indien de aankondiging van het aflopen van de termijn van het grafrecht overeenkomstig artikel 17 bij het graf en bij de ingang van de begraafplaats aangeplakt is geweest en de rechthebbende gedurende die periode niet heeft gereageerd;
- indien de rechthebbende het onderhoud van grafteken of beplanting verwaarloost en na sommatie weigert te doen herstellen of de herstelkosten te voldoen, overeenkomstig artikel 32;
- indien een terreingedeelte, waarin zich de graven bevinden, aan de bestemming van de begraafplaats wordt onttrokken of wanneer de begraafplaats niet meer als zodanig wordt geëxploiteerd, overeenkomstig artikel 16;
V
INDELING VAN DE BEGRAAFPLAATS EN ONDERSCHEID VAN DE GRAVEN
Indeling door het bestuur
Artikel 22
Het bestuur behoudt zich het recht voor de aanleg en de indeling van de begraafplaats, de bestemming van de gravenvelden en het onderscheid in graven vast te stellen en te wijzigen.
Soorten van graven
Artikel 23
Het bestuur verleent rechten op het tijdelijk gebruik van:
- een eigen enkel of dubbel graf, waarop graftekens toegelaten worden conform artikel 30;
- een eigen enkel of dubbel graf, waarop toegelaten worden graftekens na afzonderlijke goedkeuring;
- een eigen kindergraf of een eigen graf voor een doodgeborene of een onvoldragen vrucht in een vak, waarop toegelaten worden graftekens na afzonderlijke goedkeuring.
Enkele graven
Artikel 24
In een enkel graf mag geen bijzetting plaats vinden.
Alleen de als rechthebbende ingeschreven persoon kan degene aanwijzen, die na overlijden in een enkel graf wordt begraven
Dubbele graven
Artikel 25
Een dubbelgraf is bestemd voor het begraven van twee met namen aangeduide overledenen. In een dubbel graf worden twee overledenen boven elkaar (niet naast elkaar) begraven, dan wel één overledene en één asbus/urn.
Alleen de als rechthebbende ingeschreven persoon kan degenen aanwijzen, die na overlijden in een dubbel graf mogen worden begraven of bijgezet.
Kindergraven
Artikel 26
In een kindergraf wordt een overleden kind begraven dat niet ouder was dan 12 jaar.
VI
ASBUSSEN
Bewaring van asbussen
Artikel 27
Asbussen kunnen op de begraafplaats bewaard worden door bijzetting:
- in een bestaand graf;
- op een bestaand graf in een urn, die hecht aan de ondergrond is verbonden;
- in de urnenbewaarplaats van de begraafplaats.
Recht op het bewaren van een asbus
Artikel 28
De artikelen 9 t/m 16 zijn van overeenkomstige toepassing voor degenen die een recht willen vestigen op het bewaren van een asbus op de begraafplaats op een van de in artikel 27 genoemde wijzen.
Ruiming van asbussen
Artikel 29
Ruiming van een asbus na het vervallen van het recht op bewaren van de asbus geschiedt door verstrooiing van de as.
VII
GRAFTEKENS EN GRAFBEPLANTINGEN
Vergunning
Artikel 30
Het bestuur kan uitsluitend aan rechthebbenden vergunning verlenen om graftekens en/of grafbeplantingen op eigen graven te doen aanbrengen. Deze moeten voldoen aan de voorschriften voor het toelaten van graftekens en grafbeplantingen behorende tot dit reglement en die door het bestuur zijn vastgesteld. Deze voorschriften worden op verzoek door de beheerder aan iedere belanghebbende verstrekt. Graftekens en/of grafbeplantingen die naar het oordeel van het bestuur niet in overeenstemming zijn met deze voorschriften, worden door het bestuur geweigerd en kunnen na aangebracht te zijn door het bestuur op kosten van de rechthebbende worden verwijderd.
Risico schade aan graftekens
Artikel 31
- De graftekens worden door natrekking formeel eigendom van de eigenaar van de grond. Het bestuur aanvaardt deze graftekens evenwel niet in beheer. Dit betekent dat de rechthebbende onverminderd verantwoordelijk blijft voor de voorwerpen die zich op de graven bevinden, alsmede voor het onderhoud, met inachtneming van het bepaalde in artikel 32
- Schade aan graftekens ontstaan door storm, vandalisme en/of door de op de begraafplaats uitgevoerde werkzaamheden door personeel van de begraafplaats wordt door het bestuur uitsluitend vergoed tot het bedrag waarvoor deze risico’s door de desbetreffende verzekeringsovereenkomsten van het bestuur zijn gedekt.
Onderhoud graftekens en grafbeplantingen
Artikel 32
- De graftekens en grafbeplantingen moeten ten genoegen van het bestuur worden onderhouden door de rechthebbende. Onder behoorlijk onderhoud wordt mede verstaan het doen herstellen, vernieuwen of waterpas stellen van graftekens en/of beplanting.
- Wanneer naar het oordeel van het bestuur het onderhoud wordt verwaarloosd zal rechthebbende schriftelijk gesommeerd worden dit herstel of onderhoud te doen plaatsvinden. Afschrift van deze sommatie wordt, als de rechthebbende onbereikbaar is, bij het graf en de ingang van de begraafplaats aangeplakt. Na een jaar is het bestuur gerechtigd ofwel het omschreven herstel of onderhoud op kosten van rechthebbende te doen plaatsvinden ofwel het grafteken en/of beplantingen op kosten van rechthebbende te doen verwijderen.
Wanneer rechthebbende verklaart deze kosten voor herstel, onderhoud of verwijdering niet te willen voldoen of wanneer rechthebbende deze kosten na uitvoering niet binnen drie maanden na factuurdatum aan het bestuur heeft voldaan of wanneer de rechthebbende niet heeft gereageerd op de sommatie, vervalt het grafrecht aan het einde van de termijn.
3. De aangeplakte sommatie wordt eerst verwijderd indien de rechthebbende in het onderhoud voorziet of het grafrecht is vervallen.
Plaatsen, verwijderen, herplaatsen van een grafteken door rechthebbende
Artikel 33
Opdracht tot het plaatsen van een grafteken, tot het verwijderen van een grafteken voor een bijzetting en tot het herplaatsen daarvan na een bijzetting moet worden gegeven door de rechthebbende. Wanneer een verwijderd grafteken zich op de begraafplaats bevindt en niet binnen drie maanden na de bijzetting wordt herplaatst is het bestuur gerechtigd de delen daarvan van de begraafplaats te doen verwijderen en te doen vernietigen op kosten van de rechthebbende.
Tijdelijke verwijdering grafteken door de beheerder
Artikel 34
- Indien het vanwege het beheer van de begraafplaats naar het oordeel van de beheerder nodig is kunnen het grafteken en/of de beplanting van het graf van een rechthebbende op last van en voor rekening van het bestuur worden weggenomen en kan op het graf tijdelijk zand worden gedeponeerd. De rechthebbende wordt hiervan tevoren in kennis gesteld.
- Verwelkte bloemen en ontsierende voorwerpen kunnen door de beheerder zonder voorafgaande waarschuwing van de graven worden verwijderd.
Verwijdering graftekens na einde grafrecht
Artikel 35
Binnen drie maanden na het eindigen van het grafrecht kunnen grafteken en/of beplanting door de rechthebbende van het graf worden verwijderd. Na verloop van drie maanden wordt de rechthebbende geacht geen prijs te stellen op het weer in bezit nemen van grafteken en/of beplanting en is het bestuur gerechtigd deze te doen verwijderen en te doen vernietigen.
VIII
TARIEVEN EN ONDERHOUD
Tarieven
Artikel 36
- Voor het vestigen en verlengen van een grafrecht, voor bijzettingen, voor onderhoud en voor het verwijderen van graftekens en/of beplanting bij het einde van de termijn waarvoor een grafrecht is aangegaan worden tarieven geheven. Deze zijn als volgt samengesteld:
- een bedrag voor de werkzaamheden aan het graf;
- een bedrag voor het grafrecht;
- een bedrag ineens of in jaarlijkse termijnen ter bestrijding van de kosten van het door het bestuur uit te voeren algemeen onderhoud van de begraafplaats, voor de duur van het grafrecht;
- een bedrag ter bestrijding van de kosten van verwijdering en vernietiging van het grafteken en/of de grafbeplanting na het eindigen van het grafrecht
- Het bestuur stelt een afzonderlijke lijst op van de voor de begraafplaats geldende tarieven.
Algemeen onderhoud
Artikel 37
Het bestuur zal zorg dragen dat de afrasteringen, de paden, de groenvoorziening en de beplanting van de begraafplaats worden onderhouden. Tot dit onderhoud van de begraafplaats behoren de werkzaamheden aan de groenvoorziening en de beplanting op en onmiddellijk achter de graven, in zoverre deze niet overeenkomstig artikel 30 door de rechthebbende zijn aangebracht.
Beperkte onderhoudsverplichting
Artikel 38
Het bestuur verplicht zich aan het in artikel 37 omschreven onderhoud te besteden maximaal de bedragen, die uit de tarieven op grond van artikel 36 voor onderhoud zijn verkregen en daarvoor per jaar beschikbaar zijn, alsmede eventueel van overheidswege daarvoor verkregen subsidies. Deze beperking van de onderhoudsverplichting geldt in het bijzonder na sluiting of gesloten verklaring van de begraafplaats.
Ruiming van graven en asbussen
Artikel 39
Het bestuur heeft het recht de graven en de in de urnenbewaarplaats bewaarde asbussen, waarvan de rechten meer dan drie maanden zijn vervallen, te doen ruimen, met inachtneming van de wettelijke termijn.
IX
OVERGANGSBEPALING
Artikel 40
- Indien de tijdsduur welke in het verleden op de begraafplaats aan een grafrecht werd verbonden, niet meer aantoonbaar is vast te stellen, wordt deze door het bestuur bij het van kracht worden van dit reglement vastgesteld op 20 jaren vanaf de laatste begraving. Het tariefonderdeel voor de grafhuur, zoals bedoeld in artikel 36 lid 1 sub b, is derhalve gedurende deze periode niet verschuldigd. Als deze termijn van 20 jaar is verstreken is verlenging van de grafrechten mogelijk volgens de bepalingen in dit reglement.
- Rechthebbenden met een grafrecht dat aantoonbaar voor onbepaalde tijd is verleend, zijn niet het tariefonderdeel verschuldigd voor de grafhuur, zoals bedoeld in artikel 36, lid 1, sub b.
X
Slotbepalingen
Sluiting van een begraafplaats
Artikel 41
Het bestuur behoudt zich het recht voor de begraafplaats voor begravingen en voor het bewaren van asbussen te sluiten of gesloten te doen verklaren.
Klachten
Artikel 42
Belanghebbenden kunnen omtrent feitelijke handelingen betreffende de begraafplaats bij het bestuur een schriftelijke klacht indienen. Het bestuur zal binnen dertig dagen na ontvangst van de klacht beslissen en de klager schriftelijk daarvan in kennis stellen.
Onvoorzien
Artikel 43
In gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.
Vervallen verklaring eerdere reglementen
Artikel 44
Het bestuur herroept de bepalingen en voorschriften van eerdere reglementen, de begraafplaats betreffende en stelt dit reglement daarvoor in de plaats.
In werking treding en wijziging reglement
Artikel 45
Dit reglement treedt in werking op 1 juli 2004. Het bestuur is gerechtigd dit reglement te wijzigen. Wijzigingen in dit reglement behoeven eveneens de goedkeuring van de Bisschop van Roermond. De rechthebbenden worden in kennis gesteld van de wijzigingen.
Vastgesteld in de vergadering van het bestuur d.d. 2 maart 2004
A..A.F. Jacobs, secretaris R.J. Verheggen, pastoor / voorzitter
Goedgekeurd door de Bisschop van Roermond d.d. 18 april 2005